Google stuurt op 1 oktober eerste Suncatcher-satelliet met TPU's de ruimte in
Google lanceert op 1 oktober MVP, een satelliet ter grootte van een koelkast met vier eigen TPU-AI-chips, op een gedeelde vlucht van SpaceX. De test van enkele maanden is de eerste echte stap van Suncatcher, het plan voor AI-datacenters op zonne-energie in een baan om de aarde.

Google brengt Project Suncatcher van papier naar de ruimte. Het bedrijf lanceert zijn eerste experimentele satelliet, MVP genaamd, op 1 oktober met de gedeelde missie Transporter-18 op een Falcon 9-raket van SpaceX, melden Ars Technica en Golem. Volgens The New York Times, geciteerd door The Decoder, vertrekt de raket vanaf Vandenberg Space Force Base in Californië.
Suncatcher is Googles langetermijnproject om AI-berekeningen in de ruimte uit te voeren. Een orbitaal datacenter is in deze context een constellatie van satellieten die AI-versnellers dragen, hun stroom uit zonnepanelen halen en onderling data uitwisselen, in plaats van een gebouw aan een elektriciteitsnet op aarde. Google presenteerde het idee volgens Golem voor het eerst in november 2025.
Wat de MVP-satelliet aan boord heeft
De satelliet is ongeveer zo groot als een koelkast en bevat vier Tensor Processing Units, de eigen chips waarmee Google zijn AI-modellen traint en draait, meldt Ars Technica. Het gaat niet om stralingsbestendige ruimtevaartonderdelen, maar om dezelfde TPU's die Google in zijn servers op aarde inbouwt.
Het ruimtevaartuig is niet door Google zelf gebouwd. Het platform komt van satellietbeeldenbedrijf Planet Labs, dat het volgens The Decoder in zijn laboratorium in San Francisco heeft gebouwd en getest. Ars Technica legt uit dat het oorspronkelijke plan twee maatwerksatellieten in 2027 voorzag, maar dat Google sneller wilde en zijn chips integreerde in een satelliet die Planet al voor een vroege test had gebouwd.
Het energiebudget is bewust bescheiden. De zonnepanelen leveren ongeveer één kilowatt, ruwweg wat een magnetron of föhn verbruikt, volgens cijfers van The New York Times die Ars Technica aanhaalt. Google-vicepresident James Manyika zegt dat de satelliet genoeg rekenkracht heeft om eenvoudige AI-vragen vanuit de ruimte te beantwoorden, schrijft The Decoder. De missie duurt slechts enkele maanden.
Lanceerkrachten, straling en warmte: de drie tests die ertoe doen
De eerste test is de lancering overleven. Tijdens de opstijging van ongeveer tien minuten staat de satelliet bloot aan versnellingen tot 10 g, en afzonderlijke onderdelen zoals de TPU's kunnen krachten van 50 tot 100 g ondergaan, meldt Golem op basis van Google. Het bedrijf zegt trillingstests op alle drie de assen te hebben uitgevoerd en dat de hardware de gesimuleerde belasting doorstond.
De tweede is straling, die afzonderlijke bits kan omzetten en berekeningen kan verstoren. Google bestraalde zijn Trillium-TPU's met protonen terwijl ze AI-taken uitvoerden en stelt dat ze een hogere totale ioniserende dosis verdroegen dan bij een missie van vijf jaar wordt verwacht, aldus Golem. Of de laboratoriumresultaten in de ruimte standhouden, moet deze vlucht precies uitwijzen.
De derde, en waarschijnlijk de moeilijkste, is warmte. In een vacuüm is er geen lucht om warmte af te voeren. Googles ontwerp gebruikt een laag vervormbaar thermisch interfacemateriaal dat de chips verbindt met heatpipes van aluminium en koper, die de warmte naar een radiator leiden die haar de ruimte in straalt, legt Ars Technica uit. Het systeem kan continu werk nog niet aan: Google laat Gemini-modellen in blokken van ongeveer 15 minuten op de TPU's draaien, waarna de chips moeten uitschakelen zodat de radiatoren kunnen bijkomen.
- Lancering: 1 oktober, gedeelde vlucht Transporter-18 op een Falcon 9 van SpaceX, vanaf Vandenberg (Californië).
- Lading: vier Google-TPU's in een satelliet van Planet Labs ter grootte van een koelkast.
- Energie: ongeveer 1 kW uit zonnepanelen.
- Werking: Gemini-inferentie in blokken van ongeveer 15 minuten, missie van enkele maanden.
- Niet op deze vlucht: laserverbindingen tussen satellieten, gepland voor 2027 met twee satellieten.
Waarom de sector datacenters in de ruimte wil
Het argument is energie. In een lage baan om de aarde zouden zonnepanelen tot acht keer zoveel stroom kunnen opwekken als op de grond, volgens cijfers van Google die Golem aanhaalt, omdat de zon er vrijwel continu schijnt. Voorstanders stellen ook dat rekenen in de ruimte stroomnetten en watervoorraden op aarde ontlast, nu nieuwe datacenters op groeiend lokaal verzet stuiten: 60 procent van de Amerikanen die het Pew Research Center ondervroeg, zou zich ongemakkelijk voelen bij een nieuw datacenter in de buurt, merkt Golem op.
Google staat niet alleen. SpaceX heeft de Amerikaanse toezichthouder FCC toestemming gevraagd voor tot een miljoen satellieten die als AI-datacenter moeten dienen, aldus Golem, en ook Blue Origin werkt aan rekenen in een baan om de aarde, meldt The Decoder.
Wat nog lang niet bewezen is
De orde van grootte laat zien hoe vroeg het nog is. Google-manager Travis Beals schat dat er ongeveer 10.000 satellieten nodig zijn om één datacenter van een gigawatt op aarde te vervangen, en dat de lanceerkosten moeten dalen tot ongeveer 200 dollar per kilogram om het concept rendabel te maken, meldt The Decoder. Jeff Bezos verwacht dat het tot 20 jaar kan duren voordat orbitale datacenters goedkoper zijn dan die op aarde.
Toekomstige Suncatcher-satellieten moeten elk tientallen TPU's dragen en data via lasers uitwisselen, waarvoor de zenders nauwkeurig uitgelijnd moeten blijven terwijl de satellieten bewegen, aldus Golem. Niets daarvan wordt op 1 oktober getest. Google zegt dat de lanceringen van 2027 op de agenda blijven, maar het eigen team verwacht dat het jaren duurt voordat Suncatcher van project naar product gaat, schrijft Ars Technica.
Wat dit betekent voor Nederlandse bedrijven
Op korte termijn niets in het IT-budget: geen enkel bedrijf zal de komende jaren rekenkracht in de ruimte huren, en de MVP-satelliet werkt alleen in korte blokken. Toch is de test het volgen waard, want de knelpunten die hij wil omzeilen, stroomvoorziening, koeling en lokale acceptatie van datacenters, zijn dezelfde die AI-capaciteit op aarde nu al duurder maken en vertragen, ook in Nederland met zijn vol stroomnet en de discussie over nieuwe hyperscale-locaties. Als de chips de straling overleven en de koeling werkt, laten de vluchten van 2027 zien of de ruimte een geloofwaardig alternatief wordt of een gok op lange termijn blijft.
Bronnen
- Google's first Suncatcher orbital data center test launches October 1Ars Technica · 24 september 2026
- KI-Chips im Orbit: Google kündigt ersten Test anGolem.de · 25 september 2026
- Google will mit Projekt Suncatcher KI-Rechenzentren ins Weltall bringenThe Decoder · 24 september 2026



